zondag 23 januari 2011

Witte kraaien, zwarte kraaien


Ja hoor, dat zie je goed: een kraai met een hemdje aan!

Of die in mijn achtertuin zat? Nou ... Ik zal het maar eerlijk bekennen: ik ben een weekje naar Afrika geweest, naar Gambia om precies te zijn. En in mijn Gambiaanse achtertuin, vlakbij het strand, zaten dit soort types.

Een goed voorbeeld van hoe de natuur dingen soms precies verkeerd om regelt. In Gambia is het op dit moment dertig graden, dus dat borstrokje slaat echt helemaal nergens op. Nee, dan onze eigen Hollandse jongens, die zelfs bij vrieskou nog in hun blootje rond moeten vliegen!

Of de Gambiaanse kraai net zo uitgekookt is als de Nederlandse, heb ik niet uit kunnen proberen. Pinda's hoef je daar namelijk niet op te hangen. Deze gabbers kruipen graag in de kruin van een palm om daar lekker in een kokosnoot te bijten. Eh ... door die keiharde bruine schil heen? Nee, die schil is eerst groen en zacht. Lekker handig. 



Wat ik wel ontdekt heb, is dat alle kraaien één taal spreken. Echt waar. Ik verstond ze meteen. Hun gekrijs heeft niets van het Madinka of Wolof, de talen die de mensen in Gambia spreken. Gewoon krakrakra, net zo hard en brutaal als bij ons.

Denk nu niet dat er in Gambia alleen maar Hollandse vogels vliegen met een jasje aan. Om maar eens iets te noemen: ze hebben daar in de winter wel zeven soorten ijsvogels! En scharrelaars, pelikanen, kleine zilverreigers en gieren in alle soorten en maten. We hebben geprobeerd er een paar voor jullie vast te leggen, maar eh ...




.... ze vliegen zo hoog!   


PS. Dit stukje had ik net geschreven toen Daniël langs kwam. Daniël wil altijd alles precies weten, dus die ging meteen opzoeken hoe deze borstrokjes heten. En wat denk je? Zijn het witborstraven! Gelukkig stond er wel bij dat men in het Afrikaans spreekt van witborskraaien. Omdat de vogel meer op een kraai lijkt dan op een raaf. Pfff.

foto's: Ron Hooijenga













.

donderdag 6 januari 2011

Bleek en stil


Vanmorgen zag ik hem hangen in het water, bleek en stil tussen de halfvergane rietstengels. Natuurlijk bleef ik even staan kijken in de hoop dat hij toch nog een van die mooie lange vingers zou bewegen, maar nee hoor. Voor de zekerheid belde ik nog even met Stichting Ravon. Stel je voor dat hij gewoon heel diep in winterslaap was en per ongeluk naar de oppervlakte was gedreven...

Ik kreeg een jongen aan de telefoon, die er heel veel vanaf wist en mij het droeve nieuws meldde, dat deze  dappere kikker toch echt de laatste adem had uitgeblazen.
'Zuurstofgebrek,' zei hij. 'Meestal zitten er genoeg algen in het water, die zuurstof produceren. Ook onder het ijs. Maar met een laag sneeuw erop krijgen de algen te weinig licht om hun werk te kunnen doen.'
'Dus ik moet voortaan de sneeuw weghalen?'
'Een wak in het ijs maken kan ook.'
Ai, dat had Daniël ook al eens gezegd. Maar ik was bang dat de kikkers het koud zouden krijgen van zo'n wak. Het leek mij nogal tochtig. Mis dus.

Ooit, in mijn vorige tuin, hingen er na een vorstperiode wel vijf kikkers zo in het water. Die heb ik eruit gevist en begraven. Later begon ik te twijfelen. Als ze nou eens gewoon in winterslaap waren ... Ik heb er nooit met iemand over durven praten. Pfff, die vijfvoudige moord kan ik ook weer doorstrepen. Maar eh ... voortaan maak ik natuurlijk wel een wakje, dat begrijp je.

Daar ligt ie nou in zijn volle glorie. Dit moet haast wel opa kikker zijn, je weet wel, van vóór de rijtoer. Misschien heb ik hem wel zo horen borren nadat zijn geliefde vrouw door de reiger uit mijn vijver was gevist. Een lang en bewogen leven. Jammer genoeg beweegt er nu weinig meer. Waar eerst de Wilde Havana's lagen, ligt nu een dode kikker.


Natuurlijk heb ik hem begraven. Wacht dacht je? In het doosje, want leer mij die katten en ratten(!) kennen. Met een mooie witte schelp op zijn graf rust hij onder de wuivende hortensia's.
Slaap zacht, kikkerman.

vrijdag 24 december 2010

O denneboom ...


Deze kerstboom is nog van vorig jaar. Ik heb haar in mijn tuin laten overzomeren en overwinteren en nu neem ik haar mee naar binnen om haar prachtig aan te kleden. Een paar weken lang mag ze schitteren op de hoogste troon. 

Jaren geleden toen Hannah nog een klein meisje was, hadden wij een afgezaagde kerstboom op een plankje. Ook die boom stond met ballen, slingers en kaarsjes in onze huiskamer. We zongen: 'O denneboom, wat zijn je takken wonderschoon' en we waren dol op haar. Zo gezellig, zo'n boom met lichtjes.

Hannah kon dan ook niet begrijpen dat diezelfde boom, waar we zo van gehouden hadden na de kerstdagen plompverloren in de voortuin lag om daar te wachten op de wagen van de vuilnisman. 'Het kerstboompje spartelt en trappelt,' zei ze. 'Het wil bij ons blijven!'

Ze had gelijk. Vandaar dat ik nu een boompje heb in een pot, dat na oud en nieuw gezellig terug kan naar de tuin. Wel ben ik bang dat mijn grote boom een beetje jaloers zal zijn. Die probeert immers al jaren groter en groter te worden om naar binnen te kunnen kijken. Komt er zo'n onderdeurtje langs, wordt het binnengehaald alsof het de koningin is.
Tja, je hebt nou eenmaal gewone bomen en ... kerstbomen.

Speciaal voor de kerst en voor Hannah heb ik een gedichtje gemaakt over dat kerstboompje van vroeger, je weet wel, op dat plankje.

In onze tuin ligt een prinses

In onze tuin ligt een prinses
met zonder kleren aan.
Kaal, mottig en vergeten wacht
zij op de vuilnisman.

Ze was de mooiste van het feest,
een kroontje in haar haar,
en glitters op haar groene jurk.
We hielden van elkaar.

Daar komt de stinkwagen al aan.
Ik ruik zijn vieze bek.
Een groene man pakt haar vals beet,
knijpt heel hard in haar nek.

Met aan haar voet een glitterdraad,
trappelt ze nog een keer.
Ze spartelt, roept en gilt naar ons.
Ik kijk niet langer meer.

Straks als ik groot ben, neem ik zelf
een kerstboom met een kluit,
die altijd bij mij blijven mag,
altijd, jaar in jaar uit.

Namens alle lieve beesten wens ik jullie: een warm kerstfeest en een voedselrijk nieuwjaar!

.